Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990
Onder 4.14. Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990, ECLI:NL:PHR:1990:13.
"( ... ) dat aan de omstandigheden, dat belanghebbende op 1 Mei 1935 reeds gedurende tal van jaren een salaris verdiende van f 3.600 per jaar, ongehuwd bij zijn vader inwoonde, zonder ( ... ) kostgeld te betalen en reeds ongeveer 6 jaar verloofd was, het vermoeden moet worden ontleend, dat belanghebbende van zijn verdiensten over die jaren iets heeft overgespaard en op 1 Mei 1935 opbrengst genoot van eenig roerend kapitaal; dat ( ... ) de Raad ( ... ) de door belanghebbende tegen bovenstaand vermoeden aangevoerde feiten ( ... ) niet aannemelijk gemaakt acht ( ... ); dat hieruit volgt, dat belanghebbende, die in zijn aangiftebiljet van de opbrengst van roerend kapitaal geen melding heeft gemaakt, niet kan worden geacht de vereischte aangifte te hebben gedaan, zoodat de aanslag moet worden gehandhaafd, indien niet blijkt, dat en in hoeverre deze onjuist is ( ... )"
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751, en de alinea staat in dat document op bytes 23936 tot 24824.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751 | shasum -a 256