Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990

Onder 4.15. Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990, ECLI:NL:PHR:1990:13.

"( ... ) dat de zuivere opbrengst van ( ... ) dienstbetrekking over het jaar 1939 f 1.505 heeft bedragen; dat belanghebbende ( ... ) op zijn aangiftebiljet opbrengst van effecten verzwijgende, terwijl derzelver opbrengst voor het onderhavige belastingjaar moet worden (blz. 453) gesteld op f 478, moet worden geacht de volgens hoofdstuk VIII vereischte aangifte niet te hebben gedaan, zoodat ingevolge het bepaalde bij art. 80, eerste lid, I. B., de aanslag moet worden gehandhaafd, zoo niet den Raad blijkt, dat en in hoever hij onjuist is ( . . . ) "

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751, en de alinea staat in dat document op bytes 25151 tot 25716.