Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990
Onder 4.19. Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990, ECLI:NL:PHR:1990:13.
"( ... ) (1e al. ) De omstandigheid, dat het in een aangifte als opbrengst van een bron van inkomen vermelde bedrag niet juist blijkt te zijn, levert zonder meer geen voldoende grond op om aan te nemen dat aan de [desbetreffende] verplichting niet is voldaan. Dit zou anders zijn indien de aangifte opzettelijk onjuist zou zijn gedaan ( ... ) (2e al.) Er bestaat wel aanleiding om aan de juistheid van de aangifte ( ... ) te twijfelen nu het door appellant volgens zijn [aangifte] behaalde bruto winstpercentage (13 % van de inkoop) zeer aanmerkelijk lager lag dan het, gezien de resultaten van andere slagerijen als normaal aan te merken brutowinstpercentage (20-25 % van de inkoop). Dit levert het vermoeden op dat niet alle ontvangsten, welke appellant heeft gehad, zijn genoteerd ( ... ), tenzij appellant aannemelijk zou maken dat er in het betrokken jaar in zijn bedrijf bepaalde bijzondere omstandigheden zijn geweest, waardoor de winst in sterke mate werd gedrukt. "
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751, en de alinea staat in dat document op bytes 27578 tot 28565.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751 | shasum -a 256