Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 1990
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 9 november 1990
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 1990, ECLI:NL:PHR:1990:AC1105.
Het hof stelt allereerst vast dat naar regels van Nederlands-Antilliaans internationaal privaatrecht een nalatenschap onderworpen is aan de wet van het domicilie van de overledene op het ogenblik van zijn overlijden (tussenvs., r.o. 5.1). Daarmee wordt kennelijk zowel gedoeld op de vererving als op de afwikkeling van de nalatenschap; zie ook C.H. Govaerts, Beschouwing over het domiciliebeginsel in het Antilliaanse internationaal privaatrecht en in het interregionaal privaatrecht van het Koninkrijk, in:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01b8a820b02fd7b85d450376174cc9de50b70db4988b6b06141b98f77ec353b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01b8a820b02fd7b85d450376174cc9de50b70db4988b6b06141b98f77ec353b3, en de alinea staat in dat document op bytes 9290 tot 9810.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/01b8a820b02fd7b85d450376174cc9de50b70db4988b6b06141b98f77ec353b3 | shasum -a 256