Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juni 1992
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 12 juni 1992
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juni 1992, ECLI:NL:PHR:1992:7.
c. dat het op de weg van de Woningvereniging - die het probleem van de gehorigheid kende, wist dat [verweerster] aan een rolstoel gebonden was, en bekend was met het grote leeftijdsverschil tussen [verweerster] en haar naaste buren - had gelegen tevoren met [verweerster] te bespreken of zij in staat en bereid was een zodanig leefpatroon aan te houden dat zij aan de medebewoners geen overlast zou bezorgen, en dat uit het feit dat een zodanig gesprek niet is gevoerd volgt dat [verweerster] er bij het aangaan van de huurovereenkomst geen rekening mee behoefde te houden dat haar leefpatroon als overmatig storend door de buren zou worden ervaren, doch ervan mocht uitgaan dat de Woningvereniging haar een zodanig huurgenot zou verstrekken dat zij haar leven kon voortzetten op de wijze die zij gewend was, en die gelet op haar leeftijd maatschappelijk geenszins ongebruikelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0be6df694a701f232775e2f64b37fda32637cdc2ebb2d11f1037e919bee6a0ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0be6df694a701f232775e2f64b37fda32637cdc2ebb2d11f1037e919bee6a0ba, en de alinea staat in dat document op bytes 10991 tot 11887.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0be6df694a701f232775e2f64b37fda32637cdc2ebb2d11f1037e919bee6a0ba | shasum -a 256