Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 februari 1993

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 19 februari 1993

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 februari 1993, ECLI:NL:PHR:1993:55.

10. Uit de vermelde rechtspraak is niet af te leiden, dat de advocaat (in de in onderdeel 2 sub c genoemde omstandigheden) al op de enkele grond dat de cliënt achteraf voor gefinancierde rechtshulp in aanmerking blijkt te komen, aansprakelijk is, d.w.z. in dit geval dat hij geen recht meer heeft op een honorarium en reeds voldane voorschotten als onverschuldigd betaald moet teruggeven. Aansprakelijkheid in de hier bedoelde zin ontstaat pas wanneer hij zijn verplichting tot overleg om te trachten de rechtsbijstand voor zijn cliënt gefinancierd te krijgen niet of onvoldoende is nagekomen. Het hof heeft ook dit niet miskend. Vergelijk r.o. 4.6, waarin het als kern van het verwijt van het echtpaar jegens [verweerder] aanmerkt dat [verweerder] tekort is geschoten in zijn plicht om te onderzoeken of het echtpaar voor gefinancierde rechtshulp in aanmerking kwam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3ed072e5326960a6dfb466e48940770f5d297aff90c28418d4f5dea736b8e59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3ed072e5326960a6dfb466e48940770f5d297aff90c28418d4f5dea736b8e59, en de alinea staat in dat document op bytes 9219 tot 10101.