Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 september 1994

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 19 september 1994

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 september 1994, ECLI:NL:PHR:1994:39.

Het hof wijst het verzoek in zijn beide onderdelen af. De inhoud van de door [slachtoffer] tegenover ambtenaren van het Korps Rijkspolitie zowel als tegenover de rechter-commissaris afgelegde verklaringen, en in het bijzonder de hoge mate van gedetailleerdheid daarvan, alsmede het gegeven dat die verklaringen in hoofdlijnen overeenstemmen met de door verdachte afgelegde verklaringen, geven het hof geen aanleiding te veronderstellen dat de realiteitszin en de gewetensfunctie van [slachtoffer] -in elk geval voorzover het betreft de aan verdachte telastegelegde feiten- op enigerlei wijze gestoord zouden zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21b43eb68ada65cdd6c691552b8240400b866fa34a63f690f9435e27b78d580c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21b43eb68ada65cdd6c691552b8240400b866fa34a63f690f9435e27b78d580c, en de alinea staat in dat document op bytes 11807 tot 12433.