Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994, ECLI:NL:PHR:1994:4.

2. [verweerder] heeft - in verband met de huurachterstand per 1 november 1988 ten bedrage van f 75.000,- - ontbinding van de huurovereenkomst gevorderd, alsmede ontruiming en betaling wegens schadevergoeding van een bedrag van f 75.000,-. [eiser] heeft gesteld dat [verweerder] zelf wanprestatie heeft gepleegd door het pand niet in redelijke staat te onderhouden en niet leeg op te leveren; hij heeft op die grond enerzijds tegen [verweerder] vorderingen verweer gevoerd met een beroep op de exceptio non adimpleti contractus en anderzijds een reconventionele vordering ingesteld tot ontbinding en schadevergoeding. De Kantonrechter heeft bij vonnis van 15 maart 1989 de vorderingen in conventie toegewezen (met dien verstande dat de overeenkomst per 15 maart 1989 werd ontbonden) en de reconventionele vorderingen afgewezen. De Kantonrechter achtte het beroep op de exceptie in strijd met de goede trouw; hij achtte voorts wanprestatie door [verweerder] niet bewezen en liet [eiser] ook niet toe tot het bewijs daarvan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c, en de alinea staat in dat document op bytes 5238 tot 6284.