Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994

Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994, ECLI:NL:PHR:1994:4.

10. Het tweede middelonderdeel is gericht tegen rechtsoverweging 2.2.25 van het bestreden eindvonnis, waar de Rechtbank het volgende overweegt, na vastgesteld te hebben dat [eiser] ontbinding vordert op grond van het tekortschieten van [verweerder] in zijn verplichtingen om de gebreken aan het dak en de verwarming te herstellen alsmede om het pand op 1 december 1987 leeg op te leveren: " Partijen zijn overeengekomen dat [verweerder] het pand op 1 december 1987 zou opleveren. Niet gebleken is dat deze termijn een fatale termijn was, in die zin dat [verweerder] op dat moment van rechtswege in verzuim zou zijn. Derhalve diende [eiser], om deze toestand te doen ingaan, [verweerder] in gebreke te stellen. "

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c, en de alinea staat in dat document op bytes 16966 tot 17773.