Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 1994, ECLI:NL:PHR:1994:4.
15. Middelonderdeel 3 betoogt dat het oordeel van de Rechtbank in rechtsoverweging 2.2.26 van het eindvonnis dat haar uit de overgelegde stukken, met name de correspondentie van partijen, niet is gebleken dat [eiser] [verweerder] in gebreke heeft gesteld, niet is te rijmen met het oordeel van deze Rechtbank in rechtsoverweging 2.5 van het tussenvonnis, waar de Rechtbank overweegt: " Uit de eerder sub 2.3 genoemde brieven blijkt dat [eiser] heeft aangemaand om de reparaties te laten uitvoeren en het pand leeg te halen ."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c, en de alinea staat in dat document op bytes 22495 tot 23105.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/39dfebc9849c7eb639ec8a9156d0c836d179a4125830092665bdfb65fc8cfc0c | shasum -a 256