Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995
Alinea 244 Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995, ECLI:NL:PHR:1995:15.
‘’Van de hiervoren genoemde opsporingsmethoden en -technieken en werkwijzen, alsmede ook het inzetten in het onderhavige onderzoek van plaatsbepalingsapparatuur in de vorm van peilzenders, is in het aan de rechter voorgelegde dossier geen melding gemaakt. In het licht van het bepaalde in artikel 152 van het Wetboek van Strafvordering (WvSv), dat voorschrijft dat van alle opsporingsactiviteiten aanstonds proces-verbaal moet worden opgemaakt, is zulks onaanvaardbaar. Bovendien is het achterwege laten van het opmaken van een proces-verbaal te dezen geschied met instemming van de officier van justitie, hetgeen meer verwijtbaar is dan indien dat achterwege laten buiten diens gezichtsveld zou zijn gebleven.’’
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789, en de alinea staat in dat document op bytes 121578 tot 122311.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789 | shasum -a 256