Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995
Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995, ECLI:NL:PHR:1995:15.
13. Met dit laatste argument ziet het hof klaarblijkelijk op de vragen van de raadsman of men het normaal vond geen processen-verbaal op te maken en of de pro-actieve fase een proeftuin was, en wat de visie van het OM daarop is. Dat het hof deze vragen heeft opgevat als vragen naar de juridische opvattingen van de officier van justitie over de geoorloofdheid van een en ander is bepaald niet onbegrijpelijk. Voor zover het middel hierover klaagt is het tevergeefs voorgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789, en de alinea staat in dat document op bytes 20021 tot 20551.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789 | shasum -a 256