Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995

Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 1995, ECLI:NL:PHR:1995:15.

24. Behalve het begrip pro-actief is, anders dan het voorgaande zou doen vermoeden, ook het begrip opsporing niet steeds even duidelijk. De term opsporing wordt namelijk in minstens twee betekenissen gebruikt, te weten opsporing in enge zin en opsporing in ruime zin. Opsporing in enge zin is het aanwenden van wettelijke bevoegdheden na gerezen verdenking (zie hierboven); opsporing in ruime zin omvat het eerste en daarnaast het ‘’optreden uit hoofde van controlebevoegdheden of uit anderen hoofde alvorens er sprake is van verdenking’’ (Corstens, a.w. 2e druk, blz. 245). Ik maak die opmerking omdat het hof — de stellers der middelen wijze daar terecht op — waarschijnlijk die ruime opvatting hanteert bij de weerlegging van het verweer. Anders valt niet te verklaren dat volgens het hof het te dezen aangegeven ‘’politiële onderzoek’’

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6aae069529059e447b82b1210ad14683c02741728b7ee803704eedbbe7b4789, en de alinea staat in dat document op bytes 32733 tot 33607.