Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 1995
Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 1995, ECLI:NL:PHR:1995:19.
19. Overigens brengt een op een doelmatige rechtspleging afgestemde wetsuitleg naar mijn mening mee, dat de informatieplicht van art. 552a lid 4 Sv eerst dan ontstaat indien het ingediende klaagschrift naar het aanvankelijk oordeel van het gerecht gegrond is. Alsdan zullen ter voorkoming van een minder juiste beslissing (in die zin dat het voorwerp teruggaat naar iemand die daarop minder aanspraak heeft dan een derde) andere belanghebbenden in de gelegenheid moeten worden gesteld hun visie te geven en zonodig zelf een klaagschrift in te dienen. Indien echter al meteen duidelijk is dat het belang der strafvordering zich tegen teruggave verzet en dat het beslag deswege gehandhaafd zal blijven, getuigt het niet van efficiency om naar aanleiding van zo'n kansloos klaagschrift alle uit de stukken blijkende belanghebbenden te verwittigen omtrent het klaagschrift en hun eigen rechten te dier zake. Het laatste dat justitie moet doen, is burgers blij maken met een dode mus: als op voorhand al duidelijk is dat het beslag gehandhaafd blijft, moet bij belanghebbenden niet de mogelijke suggestie van het tegendeel worden gewekt. De gemiddelde burger heeft wel wat beters te doen dan zinloos klaagschriften te zitten schrijven of zittingen te bezoeken. Ter illustratie kan het voorbeeld worden gegeven van de 50 auto's waaraan het klaagschrift refereert. Stel dat het beslag inderdaad 50 auto's betreft en dat ten aanzien van iedere auto een andere belanghebbende is aan te wijzen, dan moeten behalve klager nog 50 personen worden gehoord. Dat moet gebeuren — de wet dwingt daartoe — als er geen gronden meer zijn voor continuering van het beslag en dus ten aanzien van elke auto beslist moet worden wie een 'beter recht' heeft. Als echter al direct vaststaat dat het belang der strafvordering vergt dat alle goederen onder beslag blijven, en het ingediende klaagschrift alsmede de 'uitgelokte' klaagschriften deswege ongegrond zullen worden verklaard, hebben de opgeroepenen m.i. alle reden om justitie verwijten te maken. En in elk geval klinkt het excuus dat de wet hun oproeping etc. voorschrijft, ook als zij daarbij in het geheel geen baat hebben, weinig overtuigend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8470bd1a8b6196cb8c0f15ecbcda72712153d848142b8b4fb5782dfbdc28aa8d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8470bd1a8b6196cb8c0f15ecbcda72712153d848142b8b4fb5782dfbdc28aa8d, en de alinea staat in dat document op bytes 24462 tot 26656.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8470bd1a8b6196cb8c0f15ecbcda72712153d848142b8b4fb5782dfbdc28aa8d | shasum -a 256