Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995
Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:20.
- dat aannemelijk is dat [betrokkene 1] met haar hoofd naast de mat op de grond is terecht gekomen, waaruit volgt dat er sterke aanwijzingen zijn dat onvoldoende matten waren neergelegd, althans dat de matten niet op de juiste plaats lagen (3.4.5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744, en de alinea staat in dat document op bytes 7792 tot 8054.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744 | shasum -a 256