Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:20.

6) Middel I onder A voert aan dat omdat het in casu gaat om een ongeval overkomen aan een lid van een gymnastiekvereniging tijdens een training in verenigingsverband, niet zozeer getoetst moet worden aan art. 1403 lid 3 (de aansprakelijkheid van een werkgever voor de onrechtmatige daad van zijn werknemer), maar aan hetgeen voortvloeit uit de relatie lid/vereniging en dus aan de rechten en verplichtingen die uit een lidmaatschapsrelatie voortvloeien. Deze — voor het eerst in cassatie geponeerde, niet nader toegelichte — klacht faalt. Niet valt in te zien wat het verband is tussen [betrokkene 1] lidmaatschap van de Gymnastiekvereniging en de aansprakelijkheid van de Gymnastiekvereniging voor onrechtmatige daden van haar ondergeschikten. Zou het middel bedoelen dat er van een onrechtmatige daad jegens [betrokkene 1] geen sprake kan zijn (of in casu geen sprake is) omdat zij lid was van de vereniging, dan faalt ook die stelling; zie het hierna opgemerkte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744, en de alinea staat in dat document op bytes 9192 tot 10213.