Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:20.

Voor zover het middelonderdeel het hof verwijt dat het niet heeft beslist op een beroep op eigen schuld aan de zijde van [betrokkene 1], stuit het af op het feit dat het hof kennelijk heeft geoordeeld dat [eiseres] en de Gymnastiekvereniging een zodanig beroep niet op een voldoende duidelijke en gespecificeerde wijze hebben gedaan. Dit oordeel is geenszins onbegrijpelijk. [eiseres] en de Gymnastiekvereniging hebben immers in de conclusie van dupliek, nr. 14, volstaan met de opmerking dat ‘’[betrokkene 1] in die mate eigen schuld heeft, dat de bijdrage aan het ontstaan van de schade aan de zijde van gedaagden daarbij in het niet valt.’’ Waaruit de eigen schuld van [betrokkene 1] dan zou hebben bestaan, wordt echter in het geheel niet toegelicht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc7e6a68db0e0b02d16e0a0b5a7f677a5c9e48711e0511ff17832bbb119a0744, en de alinea staat in dat document op bytes 19870 tot 20646.