Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 1995

Alinea 5 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 1995, ECLI:NL:PHR:1995:3.

2. Het eerste middel heeft betrekking op de verwerping door het Hof van het verweer dat de redelijke termijn van art. 6 EVRM in de onderhavige zaak is geschonden. Met name acht de steller van het middel onbegrijpelijk 's Hofs oordeel dat de periode van 21 maanden, verlopen tussen de uitspraak in eerste aanleg en de eerste behandeling in hoger beroep, in het licht van de duur van de gehele procedure niet onredelijk lang is geweest. Voorts heeft het Hof een onjuist tijdstip gekozen als begin van de op zijn redelijkheid te toetsen termijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9f8e1e052781a9338f9c974c87f7267b2f66d2e4966723508140d220c5504a9a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9f8e1e052781a9338f9c974c87f7267b2f66d2e4966723508140d220c5504a9a, en de alinea staat in dat document op bytes 7336 tot 7891.