Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 juni 1995

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 23 juni 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:32.

Wat betreft het pleidooi is dit ten principale erkend in HR 3 februari 1984, NJ 1984, 765 (WLH). Zie ook Van Boeschoten, De pleitnota, in: Een goede procesorde (Haardt-bundel), 1983, p. 47-58, alsmede de hoogst interessante historische uiteenzettingen over het onderwerp van Hardenberg, De rol van het pleidooi en pleitaantekeningen in het burgerlijk geding, NJB 1968, p. 1129-1140. Voor meer gegevens verwijs ik naar Burgerlijke Rechtsvordering (Wesseling-Van Gent), ad art. 144.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8e4ffdfda810679dd21a6e7748720684305e20ec1c85fe3f87460e8e5f042ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8e4ffdfda810679dd21a6e7748720684305e20ec1c85fe3f87460e8e5f042ea, en de alinea staat in dat document op bytes 22461 tot 22954.