Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 1995

Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:40.

2) De Utrechtse rechtbank heeft de vordering afgewezen. Zij achtte gegrond [verweerder]' verweer dat [eiser] niet heeft geadstrueerd wat de inhoud van een mogelijk bezwaarschrift had kunnen zijn en of de daarin eventueel aan te voeren argumenten enige kans van slagen gehad zouden hebben. De rechtbank meende dat deze processuele handelwijze te meer van [eiser] mocht worden verwacht, nu de inspecteur in zijn sub 1 vermelde uitspraak op het bezwaarschrift 1983, dat inhoudelijk betrekking had op hetzelfde geschil, had overwogen dat de boekhouding van [eiser] over de desbetreffende jaren niet regelmatig was geweest. De rechtbank achtte niet aannemelijk dat [eiser] schade heeft geleden als gevolg van een fout van [verweerder].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c2b84ebe38cd1d15e5b6394424ab42d1fcf605cdf12e3ba2e436dea34ea9d3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c2b84ebe38cd1d15e5b6394424ab42d1fcf605cdf12e3ba2e436dea34ea9d3a, en de alinea staat in dat document op bytes 5671 tot 6414.