Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995, ECLI:NL:PHR:1995:46.
6. Aanvankelijk heeft de man zijn vordering primair gebaseerd op ongerechtvaardigde verrijking en subsidiair op de vergoedingsrechten die, gelet op de huwelijksvoorwaarden, uit de vermogensverschuivingen zijn ontstaan. De rechtbank heeft voor de primaire grondslag tussen echtgenoten geen plaats geoordeeld. Op de subsidiaire grondslag heeft zij de vordering van de man toewijsbaar geoordeeld tot een bedrag van ex aequo et bono f. 1.000.000,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding en met vanwaardeverklaring van het beslag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160, en de alinea staat in dat document op bytes 7652 tot 8217.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160 | shasum -a 256