Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995, ECLI:NL:PHR:1995:46.

12. […]/[…] en HR 10 januari 1992, NJ 1992, 651 hebben beide betrekking op vergoedingsrechten voortvloeiend uit vermogensverschuivingen gedurende het huwelijk. Daarnaast zijn er gevallen waarin geprobeerd is een vergoedingsrecht te verkrijgen zònder voorafgaande vermogensverschuiving, maar juist met het oogmerk een dergelijke vermogensverschuiving ten laste van de vermogende echtgenoot alsnog bij het einde van het huwelijk te bewerkstelligen. Het gaat dan om reallocatie van vermogen na echtscheiding ten behoeve van de niet-vermogende echtgenoot die wel aan de opbouw van het vermogen van de andere echtgenoot zijn of haar steen(tje), direct of indirect, heeft bijgedragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160, en de alinea staat in dat document op bytes 14384 tot 15080.