Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995
Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 mei 1995, ECLI:NL:PHR:1995:46.
De in C3 genoemde uitzondering van de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid behoeft geen probleem op te leveren omdat niet valt in te zien dat zij alleen maar geldt in situaties als bedoeld in […]/[…] (nominaliteit) en in HR 25 november 1988, NJ 1989, 529 (vergoedingsaanspraken zònder voorafgaande vermogensverschuiving), maar niet in situaties als de onderhavige waarin het gaat om het afweren van vergoedingsaanspraken mèt voorafgaande vermogensverschuiving. Wel zal er ook in deze laatste situaties naar huidig positief recht voor de beperkende werking slechts plaats zijn in wat HR 5 oktober 1990, NJ 1991, 576 noemt: exceptionele situaties.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160, en de alinea staat in dat document op bytes 18002 tot 18683.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/76804c4595e671e31dfc9f0de7872d9225f6253c9a576a165da1c6af2a2f4160 | shasum -a 256