Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 1995
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 1995
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:55.
3) [verweerder] heeft tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld. [eiseres] heeft voorwaardelijk incidenteel appel ingesteld. Het Arnhemse hof heeft bij arrest van 12 april 1994 het vonnis van de rechtbank op het punt van de uitoefening van een beroep of bedrijf vernietigd. Het hof heeft geoordeeld dat de onderhavige borgtocht niet is verleend in de uitoefening van [verweerder] beroep of bedrijf (in de zin van 1:88 [oud] BW), zodat [verweerder] de toestemming van zijn echtgenote behoefde (r.o. 5.1). Het hof heeft vervolgens - na enige andere beslissingen, die voor zover nodig hierna nog ter sprake zullen komen - [eiseres] toegelaten tot het bewijs dat de echtgenote van [verweerder] haar toestemming heeft verleend danwel zich pas na het verstrijken van de termijn van art. 1:89 op de nietigheid heeft beroepen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41ca3b29f93245b880f0827f48df066d9d12590245c808288e7030c3a029388e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41ca3b29f93245b880f0827f48df066d9d12590245c808288e7030c3a029388e, en de alinea staat in dat document op bytes 6680 tot 7509.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41ca3b29f93245b880f0827f48df066d9d12590245c808288e7030c3a029388e | shasum -a 256