Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 juni 1995

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 27 juni 1995

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 juni 1995, ECLI:NL:PHR:1995:AC0054.

9. Het hof ondergraaft zijn redenering echter door te overwegen dat de vraag of verzoeker te zijner tijd in staat is detentie te ondergaan, moet worden beantwoord op het moment dat de vrijheidsstraf zal worden geëxecuteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e1f5664502d5ae9701ac6aa563f619751d4b7afde9d1a9a88bae88dd757fb80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e1f5664502d5ae9701ac6aa563f619751d4b7afde9d1a9a88bae88dd757fb80, en de alinea staat in dat document op bytes 20037 tot 20275.