Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 februari 1996
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 20 februari 1996
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 februari 1996, ECLI:NL:PHR:1996:15.
20 . Op grond van het voorgaande moge ik vorderen dat de Hoge Raad de bestreden beschikking van het Gerechtshof te 's-Gravenhage in het belang der wet zal vernietigen, op de voet van art. 456 lid 3 Sv. het rechtspunt zal beslissen en zal verstaan – in de terminologie van art. 98 Wet RO – dat de door Uw Raad te geven beslissing geen nadeel zal toebrengen aan de rechten door betrokkenen verkregen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d28eb7b172850c26ed2e75ede2ecf0cab6b07d1469d93477a866ee12947fa2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d28eb7b172850c26ed2e75ede2ecf0cab6b07d1469d93477a866ee12947fa2b, en de alinea staat in dat document op bytes 20394 tot 20853.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d28eb7b172850c26ed2e75ede2ecf0cab6b07d1469d93477a866ee12947fa2b | shasum -a 256