Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 1996

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 1 november 1996

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 1996, ECLI:NL:PHR:1996:21.

24. Cleton (a.w., p. 44) beantwoordt de vraag of ook conservatoire maatregelen begrepen zijn onder het begrip ''rechtsgeding'' als bedoeld in art. 11 lid 1 bevestigend. Hij wijst erop dat de bedoeling van deze regel is te verhinderen dat de debiteur het zelf geheel in de hand heeft voor welk forum hij het limitatiefonds zal vormen. ''Door het leggen van conservatoir beslag hebben één of meer crediteuren het initiatief genomen en van hun gepretendeerde vorderingsrecht doen blijken'', aldus Cleton. Zie ook de conclusie OM sub 23 voor HR 28 februari 1992, NJ 1992, 652. Ook het Hof gaat kennelijk uit van de ruime opvatting van het begrip ''rechtsgeding'', nu het in r.o. 11 van het bestreden arrest als zijn oordeel te kennen geeft dat beslaglegging door een crediteur — waardoor deze het initiatief neemt om van zijn vorderingsrecht aan de debiteur te doen blijken — als het aanhangig maken van een ''rechtsgeding'' in de zin van art. 11 van het Verdrag van Londen moet worden aangemerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/38991acf08783cded495adc8f8257d0f9e750cd7549acb6be6404f8a56bb9589. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 38991acf08783cded495adc8f8257d0f9e750cd7549acb6be6404f8a56bb9589, en de alinea staat in dat document op bytes 23182 tot 24195.