Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 1996

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 26 april 1996

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 1996, ECLI:NL:PHR:1996:33.

In de memorie van antwoord zijdens MBO wordt naar aanleiding van deze grief betoogd dat MBO evenals alle andere betrokkenen er in januari 1993 vanuit ging dat de uitbreiding er zou komen (de bouw zou in april 1993 starten); dat er mede op grond van de bespreking van 16 maart van werd uitgegaan dat De Ruiterij over een budget van 15 miljoen kon beschikken; en dat het feit dat De Ruiterij hierop plotseling terug kwam — met een beroep op de zijdens Queens Moat Houses vereiste toestemming — niet voor risico van MBO mocht komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/03dd32f4c82fbdbba2e4e4c68fdd4162328a565e47f2666c34f70d260e95a2c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 03dd32f4c82fbdbba2e4e4c68fdd4162328a565e47f2666c34f70d260e95a2c8, en de alinea staat in dat document op bytes 22344 tot 22891.