Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 1996

Alinea 90 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 1996

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 1996, ECLI:NL:PHR:1996:35.

De klacht wordt m.i. tevergeefs voorgesteld. 's Hofs oordeel impliceert dat, gelet op de gronden waarop KVV de subsidiaire eis bij antwoord (p. 6) en pleidooi in hoger beroep (p. 29/30) heeft betwist, niet kan worden gezegd dat het slechts om een rekenkundige kwestie ging. Dat oordeel is in het licht van de desbetreffende stellingen — tegen de achtergrond van het feit dat de wijze waarop het door Moksel aan KVV betaalde bedrag van ƒ 190.315,61 is berekend, nauwelijks aan de orde is geweest; zie slechts conclusie van dupliek in conventie/repliek in reconventie van Moksel, nr. 18.2 — niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/866253210b16da9d7e67f42166bfda1585830a27eee9f3a9e4363c429c8f85f1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 866253210b16da9d7e67f42166bfda1585830a27eee9f3a9e4363c429c8f85f1, en de alinea staat in dat document op bytes 46554 tot 47182.