Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 juni 1996

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 25 juni 1996

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 juni 1996, ECLI:NL:PHR:1996:37.

In feitelijke aanleg is namens verzoekster het verweer gevoerd dat het OM niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, omdat het tijdsverloop sinds het onderzoek door de AID in het bedrijf van verzoekster op 30 september en 1 en 2 oktober 1991 zodanig is dat er sprake is van schending van de redelijke termijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f030dc66bebf45ead54029c93449b5a9ead3159eafe50a0488c59dc2f99395ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f030dc66bebf45ead54029c93449b5a9ead3159eafe50a0488c59dc2f99395ff, en de alinea staat in dat document op bytes 4809 tot 5133.