Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 1996
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 15 november 1996
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 1996, ECLI:NL:PHR:1996:44.
20. De klacht is naar mijn oordeel gegrond. De Hoge Raad heeft bij zijn beschikking van 9 juni 1995 geen beslissing gegeven met betrekking tot de kosten van het geding in cassatie. Hij heeft een beslissing dienaangaande ook niet gereserveerd. Dat lag ook niet voor de hand, aangezien een dergelijke reservering van de beslissing met betrekking tot de kosten slechts pleegt plaats te vinden indien de verweerder in cassatie de bestreden uitspraak niet heeft uitgelokt door zijn houding in de vorige instantie en hij in cassatie verstek laat gaan of zich refereert aan het oordeel van de Hoge Raad. Zie Snijders/Ynzonides/Meijer, Nederlands burgerlijk procesrecht (1993), p. 243, nr. 604 met rechtspraakgegevens. Het moet er dus voor worden gehouden dat de Hoge Raad, die ingevolge art. 429 lid 3 Rv bij de beschikking zodanige uitspraak omtrent de kosten geeft als hij vermeent te behoren, heeft geoordeeld dat voor een kostenveroordeling in cassatie geen termen aanwezig waren. Aan dat oordeel was het Hof gebonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d5b2154bd765c9764ea0deff6fc9d40547d22786311891e4fa3927e74676f73a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d5b2154bd765c9764ea0deff6fc9d40547d22786311891e4fa3927e74676f73a, en de alinea staat in dat document op bytes 19276 tot 20304.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d5b2154bd765c9764ea0deff6fc9d40547d22786311891e4fa3927e74676f73a | shasum -a 256