Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 1996
Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 1996
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 1996, ECLI:NL:PHR:1996:56.
VAD en [verweerder] hebben daarentegen met name aangevoerd dat [verweerder] geen enkel verwijt treft nu hij [betrokkene 1] geen voorrang heeft kunnen verlenen omdat deze met zijn motor zo snel is genaderd - met een snelheid van 100 à 120 km per uur - dat hij ([verweerder]) deze niet tijdig heeft kunnen opmerken met name ook doordat [betrokkene 1] met zijn motor nog achter een andere auto reed toen [verweerder] zijn oversteekmanoeuvre inzette. Die auto bevond zich toen nog op zodanige afstand van het kruisingsvlak dat [verweerder] ruim voorlangs heeft kunnen oversteken. Zij betogen dat het ongeval geheel te wijten is aan de schuld van [betrokkene 1] nu het ongeval niet zou hebben plaatsgevonden ingeval deze zich aan de ter plaatse geldende snelheid zou hebben gehouden. Subsidiair beroepen zij zich op eigen schuld van de (veel) te hard rijdende [betrokkene 1], welke schuld zo groot is dat de eventuele schuld van [verweerder] daarbij in het niet valt, althans veel groter is dan diens schuld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bead656b83a11a1d14ef043a98620a77fe4279784c010d63d5556db4fe314208. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bead656b83a11a1d14ef043a98620a77fe4279784c010d63d5556db4fe314208, en de alinea staat in dat document op bytes 7142 tot 8159.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bead656b83a11a1d14ef043a98620a77fe4279784c010d63d5556db4fe314208 | shasum -a 256