Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 november 1996
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 29 november 1996
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 november 1996, ECLI:NL:PHR:1996:8.
10) Naar mijn mening stuiten op het voorgaande alle onderdelen van het middel af. De door [verweerders] in onderdeel 1 genoemde stellingen behoefden de rechtbank niet tot een ander oordeel te brengen, noch behoefde de rechtbank in haar motivering alle stellingen van [eiseres] met zoveel woorden te bespreken. De beslissing van de rechtbank is niet onbegrijpelijk en niet onvoldoende gemotiveerd. Voor wat betreft de inhoud van de twee door de rechtbank niet gehonoreerde stellingen van [verweerders] teken ik nog aan dat een verplichting het gehuurde zelf te gebruiken (voorkomend in de algemene huurvoorwaarden) zeer gangbaar is en derhalve weinig kan zeggen over de bedoelingen van partijen bij het aangaan van de onderhavige huurovereenkomst; en dat de rechtbank kennelijk meer belang heeft gehecht aan de eigen opgang van de woning dan aan de inwendige verbinding tussen het bedrijf en de woonruimte.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da783345525925174b393e0f09d35d8b048f05f4532eb6ad0805325727149847. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da783345525925174b393e0f09d35d8b048f05f4532eb6ad0805325727149847, en de alinea staat in dat document op bytes 26706 tot 27693.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da783345525925174b393e0f09d35d8b048f05f4532eb6ad0805325727149847 | shasum -a 256