Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 juli 1996

Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 15 juli 1996

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 juli 1996, ECLI:NL:PHR:1996:AA1908.

H. . Indien men evenwel aanneemt, hetgeen Hof Amsterdam met zo veel woorden vaststelt, dat de dienstbetrekking tot de in Nederland gevestigde lichamen was opgeheven (zij het tijdelijk), dunkt het mij daarmee in strijd - hetgeen volgens de geachte raadsman van de belanghebbende "onomstotelijk vast" zou staan -, dat deze betalingen zouden zijn "genoten uit privaatrechtelijke dienstbetrekking tot een binnen het Rijk gevestigde werkgever".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a902a1b8b6e3c36067614dbf6194d857327ef5e322100c0e5152c94525498019. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a902a1b8b6e3c36067614dbf6194d857327ef5e322100c0e5152c94525498019, en de alinea staat in dat document op bytes 31052 tot 31505.