Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 1997
Alinea 11 Parket bij de Hoge Raad 1 april 1997
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 1997, ECLI:NL:PHR:1997:1.
4. In hoger beroep is aangevoerd hetgeen in de toelichting op het middel onder 2 is weergegeven; het verweer houdt terzake van het onder 1 tel astegel egde o.m. in dat in het verleden verzoekers zoon is vermoord als pressiemiddel om verzoeker te dwingen tot het aanvaarden van opdrachten van Turkse drugsbendes. Wellicht heeft het hof bedoeld het daarop steunende beroep op overmacht te verwerpen met het argument dat de in dat kader aangevoerde feiten en omstandigheden niet aannemelijk zijn geworden; bij dit feitelijke oordeel zou de Hoge Raad zich hebben moeten neerleggen. Dit argument noemt het hof echter niet. Het college heeft het verweer verworpen omdat het de "aangevoerde beweringen (...) onvoldoende gesubstantieerd en op generlei wijze gestaafd en dus niet aannemelijk geworden" acht. Met de steller van het middel meen ik dat deze motivering de verwerping niet kan dragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09fffc41d0bd25d18f8ebcafed92b68d6d6ba3866ed96f3bb7effdb52f317f80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09fffc41d0bd25d18f8ebcafed92b68d6d6ba3866ed96f3bb7effdb52f317f80, en de alinea staat in dat document op bytes 4704 tot 5604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/09fffc41d0bd25d18f8ebcafed92b68d6d6ba3866ed96f3bb7effdb52f317f80 | shasum -a 256