Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 februari 1997

Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 28 februari 1997

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 februari 1997, ECLI:NL:PHR:1997:28.

3. De aanvrage beroept zich op een novum. Gesteld wordt dat aanvrager waarschijnlijk zou zijn vrijgesproken indien het hof bekend was geweest met de inhoud der thans overgelegde verklaringen. Deze verklaringen zijn afkomstig van een aantal personen die destijds tegenover de politie hebben verklaard dat verzoeker handelde in harddrugs; laatstbedoelde verklaringen zijn door het hof tot bewijs gebezigd. De thans overgelegde verklaringen houden naar de kern het tegendeel in.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdebd32cf264d4d5e41828e4f4de9a00e4dde1d185528575ecf63eecab25820c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdebd32cf264d4d5e41828e4f4de9a00e4dde1d185528575ecf63eecab25820c, en de alinea staat in dat document op bytes 4466 tot 4955.