Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 1997

Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 1997

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 1997, ECLI:NL:PHR:1997:39.

-Nadien bleek [verweerder] dat [eiser] , statutair directeur van [B] , slechts tezamen met zijn mededirecteur [betrokkene 1] bevoegd was [B] te vertegenwoordigen alsmede dat [B] niet bereid was de door [eiser] met [verweerder] gesloten overeenkomst onvoorwaardelijk te bekrachtigen. - Op 11 maart 1991 heeft een bespreking plaatsgevonden tussen [verweerder] advocaat namens [verweerder] en [eiser] namens [B] ; overeengekomen werd dat [verweerder] alsnog f 30.001,- voor de aandelen aan [B] zou betalen. [verweerder] heeft bedoeld bedrag vervolgens ook daadwerkelijk betaald en aldus alsnog de aandelen [A] van [B] verworven. - Daarop heeft [verweerder] verhaal gezocht bij [eiser] ; bij inleidende dagvaarding van 22 april 1991 vorderde hij van [eiser] een schadevergoeding van f 30.000,- (met rente en kosten), zijnde het bedrag dat hij aan [B] diende te voldoen teneinde haar te bewegen tot bekrachtiging van de overeenkomst van 26 september 1990.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/606d6a84ec0842c98fffcb53f8b04a94867849e8a49ce3d162a065b6150cdd43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 606d6a84ec0842c98fffcb53f8b04a94867849e8a49ce3d162a065b6150cdd43, en de alinea staat in dat document op bytes 6178 tot 7165.