Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 september 1997
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 26 september 1997
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 september 1997, ECLI:NL:PHR:1997:51.
De klacht faalt naar mijn mening, omdat zij er van uitgaat dat de billijkheidscorrectie uitsluitend mag worden toegepast in gevallen waarin toepassing van de primaire maatstaf van art. 6:101 lid 1 BW (de causaliteitsverdeling) leidt tot een uit een oogpunt van billijkheid onaanvaardbaar resultaat. Zoals ik in mijn genoemde conclusie inzake rolnr. 16432 (Terminus/ZAO) heb uiteengezet, kan een dergelijke beperkte opvatting omtrent de toepasselijkheid van de billijkheidscorrectie in regreszaken niet uit het verwijzingsarrest worden afgeleid. Terecht heeft het hof in r.o. 5.9 (slot) dan ook overwogen dat een billijkheidscorrectie niet op voorhand is uitgesloten, en heeft het zich vervolgens begeven in een beoordeling van de omstandigheden die mogelijk tot een correctie op de uitkomst van de causaliteitsafweging zouden nopen, waaronder de omstandigheid dat [betrokkene 1], gezien zijn jeugdige leeftijd, slechts in verminderde mate verwijt van zijn fouten valt te maken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f840539c2c3e3a16a15dedc66d46a534dc56a603fc9732d6918573cff718ddb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f840539c2c3e3a16a15dedc66d46a534dc56a603fc9732d6918573cff718ddb, en de alinea staat in dat document op bytes 12774 tot 13764.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4f840539c2c3e3a16a15dedc66d46a534dc56a603fc9732d6918573cff718ddb | shasum -a 256