Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 1997

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 1997

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 1997, ECLI:NL:PHR:1997:52.

Hieruit blijkt dat een gebrekkige motivering zonder meer geen schending van art. 6 EVRM oplevert en dat art. 6 EVRM niet treedt in de vormgeving van de motiveringsplicht door het nationale procesrecht. Zie nader Smits, a.w., p. 127 e.v. De Hoge Raad heeft in de bedoelde uitspraak van het EHRM dan ook geen aanleiding gezien om terug te komen van zijn vaste rechtspraak (zie o.m. HR 25 maart 1988, NJ 1989, 3 nt. WHH; HR 4 maart 1989, NJ 1989, 4 nt. WHH; HR 12 februari 1993, NJ 1993, 572 nt. HJS) dat voor de doorbreking van een wettelijk appelverbod niet voldoende is de klacht dat de betrokken beschikking niet of niet naar de eis der wet met redenen is omkleed. Zie o.m. HR 23 juni 1995, NJ 1995, 661 en HR 22 november 1996 RvdW 1996, 231C. Het middel zal dus moeten falen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/afd8150ecf65bb446432df284a1ab6401f91643acffecb79f937793836164ab3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt afd8150ecf65bb446432df284a1ab6401f91643acffecb79f937793836164ab3, en de alinea staat in dat document op bytes 18522 tot 19312.