Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 mei 1997

Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 16 mei 1997

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 mei 1997, ECLI:NL:PHR:1997:6.

In de zaak tegen [eiseres] worden [verweerder] ' vorderingen bij eindvonnis van 31 mei 1994 afgewezen. Overwogen wordt dat [verweerder] onvoldoende heeft gesteld omhem toe te laten tot het bewijs dat hij met [eiseres] een overeenkomst heeft gesloten ter zake van het recht op levering van het litigieuze perceel; van ongerechtvaardigde verrijking kan naar het oordeel van dit Gerecht geen sprake zijn omdat [verweerder] door de overdracht van het perceel door [A] aan [eiseres] niet is verarmd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a534f97e2fe992ce7794e931a6879235ac0d812b553fe0a6b6bf508c70fe076f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a534f97e2fe992ce7794e931a6879235ac0d812b553fe0a6b6bf508c70fe076f, en de alinea staat in dat document op bytes 8828 tot 9335.