Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 1997
Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 1997
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 1997, ECLI:NL:PHR:1997:7.
Blijkens zijn memorie van grieven volhardde [eiser] in zijn eerder ingenomen standpunten en wenste hij dat daarop alsnog zou worden beslist. Daarnaast voerde hij onder meer nog aan dat begroting van de schade ex aequo et bono niet in zijn belang was en dat hij, indien de kantonrechter niet van de omvang van de gevorderde schade was overtuigd, toegelaten had moeten worden tot het bewijs daarvan. In zijn memorie van grieven (nr. 3) bood hij aan:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/794e2beb63e75619295aeaadfd55d64b20a4f7f4da434edb2ad3008437bda055. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 794e2beb63e75619295aeaadfd55d64b20a4f7f4da434edb2ad3008437bda055, en de alinea staat in dat document op bytes 9329 tot 9789.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/794e2beb63e75619295aeaadfd55d64b20a4f7f4da434edb2ad3008437bda055 | shasum -a 256