Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 maart 1997
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 28 maart 1997
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 maart 1997, ECLI:NL:PHR:1997:8.
Dit laatste mist echter grondslag in de gedingstukken. In de vonnissen van de feitenrechters is niet vastgesteld dat [eiseres] eerder bij [verweerster] of bij de beheerder over de onderhoudstoestand van het gehuurde heeft geklaagd. [eiseres] heeft dat wel gesteld (conclusie van antwoord in conventie/eis in reconventie nr. 4), maar het is door [verweerster] ontkend (conclusie van repliek in conventie/antwoord in reconventie nr. 4; conclusie van antwoord na enquete nrs. 2 en 3). Na de conclusie van antwoord heeft [eiseres] haar stelling niet herhaald, maar integendeel in haar conclusie van dupliek in conventie/repliek in reconventie nr. 5 doen opmerken dat zij pas actie heeft ondernomen nadat Bouw- en Woningtoezicht haar had verteld (hetgeen in de herfst van 1992 is geweest) dat zij als huurster ook rechten had. Onder deze omstandigheden kan in cassatie niet - ook niet veronderstellenderwijs - van de juistheid van de stelling worden uitgegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/055b8291a352e3371ab60a1a296a609427b804d4c81f367248710cc396554045. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 055b8291a352e3371ab60a1a296a609427b804d4c81f367248710cc396554045, en de alinea staat in dat document op bytes 13977 tot 14946.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/055b8291a352e3371ab60a1a296a609427b804d4c81f367248710cc396554045 | shasum -a 256