Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 februari 1998

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 20 februari 1998

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 februari 1998, ECLI:NL:PHR:1998:11.

In verband met het rapport Heling heeft het hof vervolgens geconcludeerd dat [eiseres] onvoldoende was met betrekking tot de rubriek 'realisatie van de opleiding met betrekking tot de combinatie met werk, opleiding' (r.o. 3.4 en 3.5). Vervolgens is het hof ingegaan op de brief waarbij [eiseres] werd medegedeeld dat zij was toegelaten tot de tweejarige MDGO-VZ opleiding voor volwassenen aan het twents MBO College te Hengelo (overlegd als productie 8 bij conclusie van repliek). Het heeft overwogen dat het, na vergelijking van deze brief met de brief van de Dr. P.C. Borststichting, tot de indruk is gekomen dat de toelatingseisen voor de Twentse opleiding minder zwaar zijn dan die voor de opleiding van de Dr. P.C. Borststichting. Een en ander heeft het hof tot het oordeel gebracht dat uit het enkele feit dat [eiseres] tot de Twentse opleiding is toegelaten nog niet is af te leiden dat zij voor die opleiding en het desbetreffende beroep geschikt was (r.o. 3.7). Daaraan heeft het hof in r.o. 3.8 de slotsom verbonden:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dea1d80e775dc5e367fca86391376b2ddb2e021786facf057d5fea050df2bc24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dea1d80e775dc5e367fca86391376b2ddb2e021786facf057d5fea050df2bc24, en de alinea staat in dat document op bytes 21946 tot 22997.