Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 1998
Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 1998
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 1998, ECLI:NL:PHR:1998:28.
5. Zoals de HR heeft bepaald, dient op grond van de wetsgeschiedenis, mede in verband met het reparatoire karakter van de maatregel, bij de voordeelsbepaling worden uitgegaan van het voordeel dat veroordeelde in concrete omstandigheden daadwerkelijk behaalt. De wetgever heeft de rechter een grote vrijheid willen laten bij het bepalen van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Ook de vraag of, en zo ja in welke mate bij de bepaling van de hoogte van het genoten voordeel met kosten en investeringen rekening moet worden gehouden, is door de wetgever overgelaten aan de rechter:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10333ffaed7af146801c81543e668e3fae239cc7b1e5e6e93bd978b611ff1438. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10333ffaed7af146801c81543e668e3fae239cc7b1e5e6e93bd978b611ff1438, en de alinea staat in dat document op bytes 8508 tot 9117.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/10333ffaed7af146801c81543e668e3fae239cc7b1e5e6e93bd978b611ff1438 | shasum -a 256