Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998, ECLI:NL:PHR:1998:8.

8) Uit het bovenstaande vloeit voort dat ik niet zou willen accepteren de door het middel voorgestelde algemene regel, die overigens steun vindt in de literatuur en in de lagere rechtspraak (zie Dozy, Handboek Huurrecht, aant. 5b bij art. 1599 en voorts Dozy/Jacobs, Hoofdstukken huurrecht, 1994, p. 105/106, F.T. Oldenhuis e.a., Hoofdlijnen in het huurrecht, 1995, p. 96, Wiegman/Zuidema, Recht voor de huurder, 1996, p. 28, en de daar geciteerde rechtspraak) , dat de verhuurder geen recht op schadevergoeding terzake van verwaarlozing van het gehuurde heeft, indien hij de huurder niet in de gelegenheid heeft gesteld om, na inspectie van het gehuurde en ingebrekestelling, de geconstateerde tekortkomingen zelf te herstellen. De huidige wet bevat een dergelijke regel niet, en hetzelfde geldt voor de ontwerpregeling van titel 7.4.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16b433d65fcc38f3c042c633b55d14622d704a752f4e5aa86898ea7d0b107f29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16b433d65fcc38f3c042c633b55d14622d704a752f4e5aa86898ea7d0b107f29, en de alinea staat in dat document op bytes 14351 tot 15199.