Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998, ECLI:NL:PHR:1998:8.

De stelling berust als ik het goed zie op de gedachte dat van de verplichtingen van de huurder er één afgezonderd kan worden die inhoudt dat de huurder de gehuurde zaak moet teruggeven zonder ernstige gebreken. In deze gedachtengang kan die verplichting worden gescheiden van de verplichting tot teruggave bij het einde van de huurovereenkomst op zichzelf, met als gevolg dat terzake van de niet-nakoming van de eerste een ingebrekestelling is vereist, en voor de niet-nakoming van de tweede niet. Zoals gezegd, is dat m.i. niet het wettelijke systeem. De wettelijke verplichting is: teruggeven in goede staat bij het einde van de huurovereenkomst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16b433d65fcc38f3c042c633b55d14622d704a752f4e5aa86898ea7d0b107f29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16b433d65fcc38f3c042c633b55d14622d704a752f4e5aa86898ea7d0b107f29, en de alinea staat in dat document op bytes 15205 tot 15868.