Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 1998, ECLI:NL:PHR:1998:8.

Maar ook indien de rechtbank wel aan een fatale termijn in de zin van art. 6:83 onder a heeft gedacht, kan het middel niet tot cassatie leiden, omdat die volzin niet wezenlijk is voor de beslissing die de rechtbank in feite reeds daarvóór had bereikt. Die beslissing - denkt men de laatste zin weg - geeft m.i. op de boven ontwikkelde gronden geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk of anderszins onvoldoende gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16b433d65fcc38f3c042c633b55d14622d704a752f4e5aa86898ea7d0b107f29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16b433d65fcc38f3c042c633b55d14622d704a752f4e5aa86898ea7d0b107f29, en de alinea staat in dat document op bytes 19599 tot 20100.