Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 april 1999
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 16 april 1999
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 april 1999, ECLI:NL:PHR:1999:4.
8. Onderdeel I van het incidenteel beroep komt, zoals bleek, op tegen rechtsoverweging 4.3, waarin het Hof oordeelt dat de vordering van de zoon ingevolge de twintigjaars-termijn is verjaard voorzover het gaat om schade veroorzaakt door gebeurtenissen vóór 20 mei 1974, de dag twintig jaar vóór de dag waarop de verjaring (voorzover daarvan althans sprake was) werd gestuit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eedc9d8545a6dc068f654a02bfcf7fab70f66a76539e94401eec4c465fd69939. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eedc9d8545a6dc068f654a02bfcf7fab70f66a76539e94401eec4c465fd69939, en de alinea staat in dat document op bytes 29224 tot 29616.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eedc9d8545a6dc068f654a02bfcf7fab70f66a76539e94401eec4c465fd69939 | shasum -a 256