Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4113.

De stelling van [eiser] dat op grond van omstandigheden naar de regels van redelijkheid en billijkheid aan de Staat geen beroep op verjaring toekomt, dan wel het beroep van de Staat in strijd is met de goede trouw, wordt verworpen, nu door [eiser] geen omstandigheden van zodanige aard zijn gesteld, terwijl evenmin daarvan is gebleken. Met name kan het feit dat de keurlonen onder dwang door de Staat zijn ingevorderd niet als zodanige omstandigheid gelden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e, en de alinea staat in dat document op bytes 16613 tot 17085.