Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4113.

Tenslotte heeft [eiser] aangevoerd, dat zij met het bestaan van haar (terug)vorderingsrecht pas bekend is geraakt door het arrest van de Hoge Raad van 12 april 1991, NJ 1992, 49, gewezen in de zaak tussen de Staat en [naam] Hillegom B.V. Daarom is, aldus [eiser], eerst vanaf dat tijdstip de verjaring van de vordering aangevangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e, en de alinea staat in dat document op bytes 17093 tot 17438.